weergegeven: 11-15 van 41 resultaten

Bas Jan Ader: ode aan de schoonheid van tragiek

19
Bas Jan Ader, Please don’t leave me, 1969/2015

In twee weken tijd aanschouw ik bij de Neue Galerie in Berlijn Fluids, een installatie van Allen Kaprow (1927-2006), dompel me bij De Pont in Tilburg onder in enkele lichtsculpturen van James Turrell (1943) en tref ik stomtoevallig kunstenaar en vliegenier Joost Conijn (1971). Bij de connectie tussen deze kunstenaars en het werk van Bas Jan Ader (1942-1975) sta ik dan niet stil. Dat muntje valt pas als ik kort daarna de expositie In Search Of… van Ger van Elk (1941-2014) en Bas Jan Ader bij galerie Grimm bezoek en de recent verschenen biografiek Let go over hem lees. Aan Bas Jan Ader zou ik hier normaliter niet zo gauw aandacht besteden, wat heb je per slot van rekening toe te voegen aan hetgeen al door zovelen over zijn oeuvre en zijn mysterieuze verdwijning is verkondigd. Maar nu ben ik over de streep en wijd vooral, alléz voor degenen die niet of nauwelijks met zijn werk bekend zijn, graag enige woorden aan deze belangrijke kunstenaar die voor menigeen een belangrijke inspiratiebron is gebleken. (meer…)

Jan Andriesse

Een pijnlijk feit zegt hij
alle kleuren van het lichtspectrum
veranderen samengemengd op het palet
in een morsig zwart

K. Michel (Op bezoek in het atelier van Jan Andriesse)

Replica Piet Mondriaan Compositie met 4 gele lijnen

Jan Andriesse, Compositie met vier gele balken, 2014, 82,5 x 82,5 cm. Collectie De Pont, Tilburg. Replica van Compositie met vier gele lijnen in ruitvorm van Mondriaan, 1933. (Bij Borzo, sept. 2015)

Ik sta weer paf als ik deze versie van Mondriaans Compositie met vier gele lijnen in ruitvorm terugzie. Hier, bij galerie Borzo, hangt hij ‘evenwijdig met de muur en zodanig dat het midden niet lager is dan ooghoogte als men staat, zoo mogelijk dat de onderste punt op die ooghoogte komt’, zoals hij het zelf graag wilde. Kunstenaar Jan Andriesse (1950) maakte vier replica’s van deze Mondriaan uit 1933, die in kleur en dikte van de banen licht verschillen. De eerste vervaardigde hij in een periode dat hij niet in staat was ook maar één schilderij te maken. Uit wanhoop zocht hij zijn steun bij de door hem bewonderde Mondriaan en bedacht hij van deze ruitvormige diamant een replica te maken; de ruitvorm die als een rode draad door Mondriaans oeuvre loopt met als hoogtepunt de onvoltooide Victory Boogie Woogie. Ook de geschiedenis van Compositie met vier gele lijnen in ruitvorm spoorde Jan Andriesse aan, de witte ruit met vier gele balken evocatief vast te leggen. Met de echte heeft Charley Toorop nog bij het Stedelijk Museum lopen leuren. Na veel gedoe is het uiteindelijk met steun van enkele bewonderaars aan het Haags Gemeentemuseum geschonken. Dat Andriesse er vier versies van maakte, berust op enig toeval. De eerste replica gaf hij aan een bevriende vakbroeder, die ook zo’n kopie wilde, maar geen geduld had er zelf een te maken. Toen Jan Andriesse deze in 2011 tijdelijk terug wilde hebben voor zijn expositie bij de Nederlandse Bank, bleek die ergens ver weg in het buitenland te hangen. Als een haas maakte hij een nieuwe, maar toen enige tijd later een andere collega te kennen gaf er ook een te willen, ´teneinde het belang van dit werk van Jan Andriesse te bevestigen’, construeerde de kunstenaar nog eens twee versies. De meest recente, die overigens aan De Pont is verkocht, bewonder ik nu bij Borzo, waar de kunstenaar samen met Piet Moget en Jurriaan Molenaar onlangs exposeerde. Drie kunstenaars die lijn, licht en ruimte tot motief in hun werk hebben gemaakt en zich zo voegen in een lange traditie van andere kunstenaars die het licht wilden vangen: Saenredam, Vermeer, Ruysdael, Van Goyen, Weissenbruch, Dibbets en anderen. Over Piet Moget schreef ik al eerder (Zie: Het bijna niets van Piet Moget, schilder van licht en ruimte). (meer…)

Het eigen gezicht van Auke de Vries

3
Sculptuur in Parc de les Cascades, Barcelona, 1992

De Haagse kunstenaar Auke de Vries (1937) is er een van wereldformaat. Zijn sculpturen hangen en staan op vele prominente plekken. Niet alleen in Nederland, ook in vele buitenlandse steden kun je ernaar op zoek: Aberdeen, Berlijn, Ludwigsburg (Stuttgart), Barcelona, ja zelfs Bangkok, om er maar enkele te noemen. En in ontelbare musea, galeries en op andere kunstplekken had hij exposities, meestal naar aanleiding van een gerealiseerd beeldhouwwerk of rond een specifiek thema. Een echte kunstkenner hoef je niet te zijn om een sculptuur van Auke de Vries te herkennen. Zijn beeldtaal is karakteristiek, zeer oorspronkelijk, speels en organisch. Globaal bezien bestaat zijn werk uit zwevende, aaneengeregen stalen lijnen, staken en vlakken, balancerende vormen en volumes als kegels, kubussen, nesten, toeters en vlaggen, waartussen je evenzeer grote spanning, als chemie voelt. In welke omvang dan ook, zijn kunst wappert en strekt zich in vele richtingen uit.

20 21
Zonder titel, 2011 (l)
Chapeau, Chapeau, Nederlandse Ambassade in Bangkok, 2006 (r)

Wat kan ik nog te berde brengen over het werk van deze beeldhouwer, wat al niet in een van de ontelbare boeken, interviews of recensies over zijn werk is opgetekend? Ik zal in herhaling vervallen, maar er is een goede aanleiding om vanaf deze plek even de spotlight op hem te richten. Dit jaar is Auke de Vries de winnaar van de Wilhelminaring, de landelijke oeuvreprijs voor beeldhouwkunst, die om de twee jaar wordt toegekend. Eindelijk, zou ik eraan willen toevoegen. Gezien zijn staat van dienst had ik hem al eerder in het rijtje van gelauwerde beeldhouwers verwacht, waarop ook John Körmeling, Joep van Lieshout, Jan van Munster en Carel Visser prijken. Auke de Vries bewijst dat je niet per se voor kunstenaar hoeft te leren om niveau en statuur te bereiken; hij doorliep zelf slechts de lagere technische school. Toen hij vanuit Friesland naar Den Haag verkaste, werd hij toegelaten tot de avondopleiding aan de Koninklijke Academie, meteen in het vijfde jaar. Overdag verdiende hij de kost als decorateur bij een warenhuis. Een jaar later trok hij al naar Parijs. In het licht van dat ene jaar academieonderwijs is het opmerkelijk dat hij later geruime tijd doceerde en studenten begeleidde, zowel op de Rijksacademie als ook aan de KABK. (meer…)

Verwarrend maar verhelderend: de kunst van Roland Schimmel

1
Zwarte Zon –  Black Sun, 2010

De kunst van Roland Schimmel (1954) stelt onze waarneming zwaar op de proef. Niet zelden bezorgt zijn werk je een hallucinerende werking en een behoorlijk portie visuele kortsluiting. Voor de schildering Zwarte Zon/Black Sun uit 2010, de dramatisering van een zonsondergang, ontvangt Roland Schimmel binnenkort de Akademieprijs Astronomie en Kunst, die is ingesteld door de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en de Akademie van Kunsten. Zij kennen deze nieuwe prijs toe aan een kunstenaar die zich bij het maken van een werk door de astronomie heeft laten inspireren. In de afgelopen dertig jaar heeft Roland Schimmel een belangrijk oeuvre opgebouwd dat bestaat uit schilderijen, monumentale muurschilderingen, installaties en video’s. (meer…)

Het universum van Joost Conijn

29. Vlucht OK-NUL boven artikel 16. In Afrika 1

Het is vol bij Nest. Een gemêleerd gezelschap is komen opdagen voor een gesprek in het kader van de serie Hollandse Meesters. Deze keer met Joost Conijn (1971, Amsterdam), aangekondigd als kunstenaar en avonturier. De laatste kwalificatie vindt hij een minder goed etiket, zoals hij al onmiddellijk aangeeft. Als opwarmer krijgen we een documentaire over de kunstenaar voorgeschoteld: een gesprek op Het Domijn, zijn werkplek in Weesp, vermengd met flarden van beelden uit films over enkele kunstprojecten. Zo worden we al meteen in zijn baanbrekende, ja verbijsterende werk meegezogen. De kunstenaar op zijn buik, liggend op een vierwielige brommer, die uit twee delen bestaat en door zijn lichaam, dat als chassis fungeert, één geheel wordt; zo draait hij op het dak van de Rietveld Academie zijn rondjes. Of we zien hem met een oude Peugeot midden in de woestijn van Marokko door een hek rijden, dat zich bij nadering vanzelf opent. Dan wel aanschouwen we zijn verkenning van Oost-Europa met een houten auto, die op houtgas rijdt. En herkennen we een van zijn vele bewonderaars, schrijver A.L. Snijders, die ons uitnodigt toch vooral kennis van Conijns werkstukken te nemen. Zelf leest de kunstenaar in zijn atelier voor uit zijn boek Piloot van goed en kwaad (2012), het relaas van zijn vlucht naar Afrika in 2010. Ik voel me ineens alleen achterblijven, thuis met mijn eigen vertrouwde gewoontes, achter de computer en koffie op zijn tijd. Het komt me bij het zien van Conijns beelden onzinnig voor. Hier zit een kunstenaar met een ongelofelijke drang naar vrijheid en een fascinatie voor andere werelden. Voor Joost Conijn is het kunstenaarschap een allesomvattende zaak. Zonder uitzondering maken het bedenken, ontwerpen, uitvoeren en het zelf daadwerkelijk maken van werkstukken, zijn reizen, het filmen, fotograferen en schrijven er integraal deel vanuit: ‘Allemaal even interessant om mee bezig te zijn’. (meer…)